Voor ouders

De kracht van Rots en Water in de ontwikkelingsfasen van het kind

Kleuters groep 1-2 

In de kleuterleeftijd neemt het egocentrisme af en neemt de sociale cognitie toe, ze leren met andere kinderen rekening houden en leren om samen te spelen.

Een kleuter beleeft de wereld nog grotendeels vanuit zijn eigen middelpunt. Ook als het gaat om gevoelens en gedachten van anderen koppelt hij het terug aan zijn eigen ervaring. Geleidelijk aan leert hij echter inzien dat het perspectief en gevoelens van anderen kunnen verschillen met zijn eigen perspectief. 

Rots en water ondersteunt de sociaal-emotionele ontwikkeling door tegemoet te komen aan de behoefte van een kleuter: spel en bewegen in verschillende sociale situaties. 

Herkennen van emoties: angst, verdriet, blijdschap, boosheid bij zichzelf en bij anderen. Deze emoties ook kunnen benoemen. 

Rots en water lessen richten zich op het ervaren en het ontwikkelen van begrip over emoties: eigen emoties en die van de ander. Hoe voelt angst in je buik en hoe voelt je buik als je blij bent? En hoe voelt blijheid in je borst? En als je zenuwachtig bent, kun je dat dan ook in je buik voelen? Kun je aan een ander zien of hij/zij boos is, of verdrietig of blij? 

Groep 3 t/m 6    6-9 jaar 

In deze leeftijdsfase ontstaan seksegebonden vriendschappen. Kinderen gaan zich met elkaar vergelijken en het zelfbeeld wordt gevormd. Ze leren invoelen en inleven in de ander. Ze communiceren meer en begrijpen en leren toepassen dat rots, rots creëert (pijn en contactverbrekend). Water nodigt uit tot een waterreactie (verbondenheid). Ze leren hun emoties te reguleren door ademhalings- en lichaamsgerichte oefeningen. Ze ontwikkelen hun eigen identiteit en zelfbeeld. 

In de middenbouw leren ze dat verschillende situaties bij verschillende kinderen ook verschillende gedachten en gevoelens kunnen oproepen. Welke op hun beurt leiden tot andere gedragingen. Het kind gaat zich nog meer inleven in situaties van de ander. In deze periode gaan kinderen dus steeds bewuster om met leeftijdsgenootjes en gaan zij hun eigen gedrag vergelijken met dat van anderen. In deze periode ontstaan ook de 1e vriendschappen op basis van loyaliteit en wederzijdse steun. 

Het jongsspel is fysiek van aard (fysieke emotionele ontwikkeling), de vriendengroep is groter dan die van meisjes. Meisjes gebruiken meer taal (verbaal emotionele ontwikkeling) om vriendschappen op te bouwen en een plaats in de groep te veroveren. Spreken met elkaar doe je makkelijker in een klein groepje. 

In de Rots en Water lessen leren de kinderen dat zij van hun buik een krachtcentrum kunnen maken, maar ook een rustcentrum dat je voor veel narigheid kan behoeden en dat je leert om sterk en rustig te staan en te zijn als je moeilijke dingen moet doen. Kinderen van 6 moeten nog letterlijk iets doen om hun emoties te reguleren. Afleiding: bezigheid of spel. Kinderen rond de 10 jaar kunnen hun emoties reguleren door de afleiding te zoeken door aan iets leuks te denken. 

Rots en Water ondersteunt deze ontwikkeling om tot zelfreflectie (interne spraak) te komen enorm door kinderen in hun kracht te zetten: voeten stevig op de grond, adem in de buik. Deze fysieke basis creëert de rust die nodig is om tot zelfreflectie te komen. 

Kinderen leren nu ook steeds beter te concentreren op een bepaalde taak. Concentratie is een basisvoorwaarde voor effectieve leerstofopname. 

In de Rots en Water lessen leren de kinderen centreren en gronden, kracht en rust in het lijf leren ervaren en ontwikkelen. 

Groep 7-8 (kinderen van 9-12 jaar) 

Het bij een groep horen is erg belangrijk. Het verschil tussen jongens en meisjes wordt steeds groter (denk aan verschil in vriendschappen, groepen, puberteit en seksualiteit). De fysieke verschijning wordt belangrijk en van invloed op het zelfbeeld. Er ontstaan (h)echte vriendschappen, voornamelijk seksegebonden. Het is een taak om die vriendschappen te onderhouden. Hoe leer je omgaan met je eigen rol in de groep? Inzien en aanvaarden dat je zelf verantwoordelijk bent in het maken van eigen keuzes en beslissingen. 

Rots en water helpt kinderen met het opbouwen van een positief zelfbeeld. Steeds gaat het om het gevoel competent te zijn. De psycho-fysieke didactiek die voor Rots en Water zo kenmerkend is, betekent hier dat een kind eerst een stabiel en sterk lichaamsbeeld opbouwt (“ik kan sterk staan, kinderen kunnen zelfs op mij leunen”). Dit resulteert in een stabiel emotioneel beeld (“ik weet wat ik voel en ik heb geleerd daarmee om te gaan”) en een stabiel zelfbeeld (“ik kan mezelf en daarom kan ik weloverwogen keuzes maken”). 

Halverwege groep 6 worden de ontwikkelingen op sociaal gebied duidelijk zichtbaar doordat groepsprocessen een grotere rol beginnen te spelen. Vergeleken met de onderbouw worden in de bovenbouw van de basisschool ook de vriendschappen hechter en van grotere betekenis. Daarnaast ontstaan er vaste groepen die veel minder flexibel zijn vergeleken met de lagere groepen de basisschool. Er is nu sprake van groepsregels of codes waaraan kinderen zich binnen een groep moeten houden. In geen andere leeftijdsfase wordt er zo veel belang gehecht aan het behoren bij een groep. Groepsdruk en pesten liggen hierdoor op de loer. Kinderen kunnen in deze fase vanwege het grote belang om bij een groep te willen horen, hun eigen morele principes aan de kant schuiven omdat ze niet buiten de groep willen vallen. 

Belangrijk is daarom dat de Rots en Water lessen in groep 5 en 6 worden gekenmerkt door een focus op het samen dingen doen en het bouwen aan een hechte en veilige groep. Kinderen leren nu ook om in een sterk “rotskasteel” te gaan staan om zich van de pestkop af te sluiten. Als dat goed gaat, en er een groter gevoel van eigen kracht en meer zelfvertrouwen is ontstaan, kan de stap worden gemaakt naar het meer communicatief ingestelde “waterkasteel” en later naar het “ademkasteel”. 

Er ontstaat een verschil tussen jongens- en meisjesgroepen. Vriendschappen in meisjesgroepen zijn gebaseerd op relaties en zorg voor anderen en nemen de vorm aan van een “bijenkorfstructuur”, waarin de koninginbij de leider is en afhankelijk van haar leiderschap de sfeer in de groep bepaalt. Jongens zoeken aansluiting bij een gehele groep, waar rechtvaardigheid en competitie een grote rol spelen en zij zich onderling meten aan fysieke kracht. 

Voor de Rots en Water lessen betekent dit dat er in het lesgeven aan meisjes een sterkere focus mag zijn op het uiten van emoties en het naar buiten brengen van de aan deze emoties gekoppelde energie. Bij jongens kan meer aandacht zijn voor het leren omgaan met hun energie. 

Rots en Water lessen, gegeven vanaf de kleuterleeftijd tot aan de oudste leerlingen in groep 7-8 hebben een belangrijke rol in het voorkomen van grensoverschrijdend gedrag op latere leeftijd. Samen leren spelen ligt ten grondslag aan het vermogen om op latere leeftijd met de ander(en) respectvol samen te zijn en samen te leven. Het vermogen om als puber, jong volwassene en volwassene met vertrouwen en zelfvertrouwen relaties aan te gaan, eigen keuzes te maken en een eigen weg te gaan, wordt bij het jonge kind al spelenderwijs ontwikkeld. Daarbij heeft dat kind een enorme behoefte aan ouders en leerkrachten die het
kind in zijn totaliteit een uniek menszijn kan zien en waardeert. 

Bron: Rots en Water basisschoolbreed. Nick van Deudekom, Gerle Ykema, Freerk Ykema

Copyright © 2013 Boerderij Groot Nijhof